Categorie: Relaties & seksualiteit

  • Vaginale oestrogenen in de overgang: waarom ze zo belangrijk zijn

    Vaginale oestrogenen in de overgang: waarom ze zo belangrijk zijn

    Vaginale oestrogenen in de overgang: waarom ze zo belangrijk zijn

    Vaginale droogheid, branderigheid, pijn bij seks of steeds terugkerende blaasontstekingen. Veel vrouwen denken dat dit er nu eenmaal bij hoort als je ouder wordt. Maar dat hoeft niet!

    Een behandeling waar ik in mijn spreekkamer regelmatig over vertel, is vaginale oestrogeentherapie. En opvallend genoeg gebruiken maar relatief weinig vrouwen deze behandeling. Naar schatting gebruikt slechts ongeveer 1 op de 10 vrouwen die er baat bij zou kunnen hebben vaginale oestrogenen.

    Dat is jammer, want oestrogeen doet veel meer dan alleen invloed hebben op menstruatie en overgangsklachten. Ook de vagina, vulva en urinewegen zijn gevoelig voor oestrogeen.

    En juist wanneer het oestrogeenniveau voor, tijdens en na de overgang daalt, kunnen deze weefsels veranderen.

    Wat gebeurt er met je vagina tijdens de overgang?

    Tijdens de perimenopauze en na de menopauze verandert de hoeveelheid en beschikbaarheid van oestrogeen. Dat heeft niet alleen gevolgen voor bijvoorbeeld je menstruatie, slaap of temperatuurregeling, maar ook voor het weefsel van de vagina, vulva en plasbuis.

    De vaginawand kan dunner en minder elastisch worden. Er wordt minder vocht geproduceerd en de doorbloeding en zuurgraad van de vagina veranderen.

    Daardoor kunnen klachten ontstaan zoals:

    • vaginale droogheid
    • een branderig of geïrriteerd gevoel
    • jeuk
    • sneller verstoringen van je vaginale milieu
    • pijn of gevoeligheid bij seks
    • kleine scheurtjes na seks
    • een veranderd gevoel tijdens seks
    • vaker aandrang om te plassen
    • terugkerende urineweginfecties
    • een gevoel van druk of ongemak in het bekkengebied

    Niet iedere vrouw krijgt hier last van. Maar als je deze klachten wel herkent, hoef je ze niet simpelweg te accepteren als onderdeel van ouder worden.

    Oestrogeen is belangrijk voor veel meer dan je menstruatie

    Oestrogeen heeft in het bekkengebied verschillende functies.

    Het helpt onder andere om de vaginawand soepel, elastisch en goed gehydrateerd te houden. Ook ondersteunt het de normale zuurgraad en het microbioom van de vagina.

    Dat microbioom bestaat uit allerlei bacteriën en schimmels die samen helpen om de vagina gezond te houden. Wanneer het oestrogeenniveau daalt, verandert ook de vaginale omgeving. Dat kan de gevoeligheid voor infecties beïnvloeden.

    Ook de urinewegen zijn gevoelig voor oestrogeen. De blaas en urinebuis hebben eveneens oestrogeenreceptoren. Een daling van oestrogeen kan daarom bijdragen aan klachten zoals urgency, een branderig gevoel bij het plassen of terugkerende urineweginfecties.

    Vaginale oestrogenen kunnen bij deze klachten helpen.

    Vaginale oestrogenen werken lokaal

    Een belangrijk verschil met systemische hormoontherapie, zoals oestrogeengel of een oestrogeenpleister, is dat vaginale oestrogenen voornamelijk lokaal worden toegepast.

    Je kunt vaginale oestrogenen krijgen in verschillende vormen, bijvoorbeeld als crème, tablet (of vaginale ring). De behandeling is gericht op het weefsel van de vagina en de omliggende structuren.

    Bij lage doseringen is de opname in het bloed doorgaans gering. Het doel is dan ook niet om het oestrogeengehalte in het hele lichaam sterk te verhogen, maar om het lokale weefsel weer te ondersteunen.

    Dat maakt vaginale oestrogenen anders dan systemische hormoontherapie.

    Niet alleen bij vaginale droogheid

    Een veelvoorkomende misvatting is dat vaginale oestrogenen alleen bedoeld zijn als je vagina droog aanvoelt.

    Dat is niet zo.

    Ze kunnen ook worden overwogen bij klachten van de urinewegen, bijvoorbeeld bij terugkerende urineweginfecties of bepaalde klachten van aandrang en irritatie.

    En er is nog een ander belangrijk aspect: seksualiteit.

    Wanneer het vaginale weefsel dunner, droger en gevoeliger wordt, kan seks pijnlijk worden. Soms ontstaat daardoor een vicieuze cirkel. Seks doet pijn, waardoor je minder zin krijgt om seks te hebben. Je gaat seks vermijden, waardoor je misschien minder snel ontdekt dat er iets aan de klachten te doen is.

    De pijn wordt dan gemakkelijk geïnterpreteerd als een probleem met seksueel verlangen, terwijl de oorzaak ook heel lichamelijk kan zijn.

    Daarom is het belangrijk om bij veranderingen in seksualiteit tijdens de overgang niet alleen naar je seksueel verlangen te kijken, maar ook naar alle andere factoren die nodig zijn voor seksueel verlangen.

    Kan vaginale oestrogeen ook helpen bij urinewegklachten?

    Ja.

    Oestrogeen ondersteunt de conditie van de slijmvliezen van de vagina en urinewegen. Daarnaast verandert het de vaginale omgeving, waardoor het voor bepaalde bacteriën moeilijker kan worden om zich te vermenigvuldigen.

    Vaginale oestrogenen worden daarom ook gebruikt bij vrouwen die rondom de menopauze regelmatig urineweginfecties hebben.

    Onderzoek laat zien dat lokaal vaginaal oestrogeen het risico op urineweginfecties kan verlagen.

    Dat betekent niet dat iedere urineweginfectie met oestrogeen voorkomen kan worden. Maar bij vrouwen met terugkerende urineweginfecties rondom of na de menopauze kan het een belangrijke behandeloptie zijn.

    Hoe zit het met de bekkenbodem?

    De invloed van oestrogeen beperkt zich niet tot de vaginawand.

    Ook de weefsels en structuren rondom de vagina en urinewegen veranderen onder invloed van het dalende oestrogeen. De doorbloeding, het bindweefsel en de conditie van het slijmvlies spelen allemaal een rol in de gezondheid van het bekkengebied.

    Dat betekent overigens niet dat vaginale oestrogenen een vervanging zijn voor bekkenfysiotherapie. Bij klachten zoals urineverlies, een verzakkingsgevoel of problemen met de bekkenbodem kan een gespecialiseerde bekkenfysiotherapeut juist heel waardevol zijn.

    Soms is de beste aanpak een combinatie van behandelingen.

    En wat betekent dit voor seks?

    Dit vind ik persoonlijk een belangrijk onderdeel van het gesprek.

    Na de overgang verandert het lichaam. Dat betekent niet dat seksualiteit moet verdwijnen of dat seks vanzelf pijnlijk moet worden.

    Wanneer het vaginale weefsel droger en kwetsbaarder wordt, kan penetratie pijnlijk worden. Ook kan de doorbloeding veranderen en kan seksuele stimulatie anders aanvoelen.

    Vaginale oestrogenen kunnen helpen om de conditie van het vaginale weefsel te verbeteren.

    Maar seksualiteit is natuurlijk meer dan het vaginale weefsel alleen. Als pijn, minder seksueel verlangen, spanning of veranderingen in de relatie een rol spelen, kan ook seksuologische begeleiding helpen.

    Is vaginale oestrogeen veilig?

    Voor veel vrouwen is laaggedoseerd vaginaal oestrogeen een veilige behandeling, juist omdat de systemische opname beperkt is. Maar veilig betekent niet dat je het zonder overleg met een arts bij iedereen kunt gebruiken.

    Waarom gebruiken zo weinig vrouwen het?

    Misschien omdat we nog steeds te weinig praten over wat er gebeurt tijdens de overgang.

    Veel vrouwen weten inmiddels dat opvliegers en nachtzweten bij de overgang kunnen horen. Maar vaginale droogheid, pijn bij seks en urinewegklachten worden minder vaak met de overgang in verband gebracht.

    Sommige vrouwen denken:

    “Ik ben gewoon ouder geworden.”

    Of:

    “Dan hoort seks blijkbaar pijn te doen.”

    Of:

    “Ik heb nu eenmaal steeds blaasontstekingen.”

    Maar ook deze klachten kunnen onderdeel zijn van de hormonale veranderingen rondom de menopauze.

    En daar kunnen we soms iets aan doen.

    Wanneer kan vaginale oestrogeen interessant zijn?

    Vaginale oestrogenen kunnen bijvoorbeeld worden overwogen wanneer je last hebt van:

    • vaginale droogheid of irritatie
    • pijn bij penetratie
    • terugkerende urineweginfecties
    • branderigheid bij het plassen zonder duidelijke infectie
    • vaginale kwetsbaarheid of kleine scheurtjes
    • klachten rondom de vulva en vagina na de menopauze
    • veranderingen in seksualiteit waarbij lichamelijk ongemak een rol speelt

    Je hoeft daarbij niet te wachten tot de menstruaties volledig zijn gestopt.

    Ook tijdens de perimenopauze kunnen vaginale klachten ontstaan.

    Vaginale oestrogenen zijn geen teken dat je “heel veel hormonen” nodig hebt

    Dat idee hoor ik soms terug.

    Maar een lage dosering vaginaal oestrogeen is iets anders dan systemische hormoontherapie. Het doel is vooral om het lokale weefsel te ondersteunen.

    Het is daarom goed om onderscheid te maken tussen verschillende vormen van hormoontherapie. Een vrouw kan bijvoorbeeld wel behoefte hebben aan lokale behandeling van vaginale of urinewegklachten, maar (nog) geen indicatie hebben voor systemische hormoontherapie.

    En andersom kan het natuurlijk ook.

    De behandeling moet passen bij de klachten en bij de persoon.

    Blijf niet rondlopen met klachten waar iets aan te doen is

    De overgang gaat over veel meer dan opvliegers.

    Ook de gezondheid van je vagina, vulva en urinewegen verandert onder invloed van hormonen. Dat is normaal, maar klachten hoef je niet automatisch te accepteren.

    Als seks pijn doet, je vagina voortdurend droog of geïrriteerd aanvoelt of je steeds opnieuw een urineweginfectie krijgt, is het de moeite waard om dit te bespreken.

    Vaginale oestrogenen kunnen een relatief eenvoudige behandeling zijn met een groot effect op het dagelijks leven.

    Want je vagina en urinewegen mogen dan misschien niet het eerste zijn waar je aan denkt bij de overgang, oestrogeen speelt ook daar een belangrijke beschermende rol.

    En misschien is dat wel een van de belangrijkste dingen die we vrouwen nog veel vaker mogen vertellen.

  • Hij mag me niet meer aanraken. Dit zegt vaak meer dan je denkt.

    Hij mag me niet meer aanraken. Dit zegt vaak meer dan je denkt.

    “Ik hou nog steeds van hem.”

    “Maar als hij me aanraakt, trek ik met het liefst terug.”

    “Ik wil gewoon even met rust gelaten worden. En dat even is inmiddels al best lang…”

    Het zijn uitspraken die ik regelmatig hoor in mijn spreekkamer. Vaak worden ze met schaamte uitgesproken. Veel vrouwen zijn bang dat deze gevoelens betekenen dat hun relatie niet meer goed is of dat de liefde verdwenen is.

    Maar zo eenvoudig is het meestal niet.

    Geen behoefte meer hebben aan aanraking is lang niet altijd een relatieprobleem. Het kan ook een signaal zijn dat je lichaam en je hoofd al lange tijd onder druk staan.

    Waarom kan aanraking ineens anders voelen?

    Aanraking is veel meer dan huid-op-huidcontact.

    Om aanraking als prettig te ervaren, heb je vaak behoefte aan ontspanning, veiligheid en mentale ruimte. Juist die voorwaarden kunnen veranderen door gebeurtenissen in je leven, langdurige stress of hormonale veranderingen.

    Wanneer je voortdurend “aan” staat, slecht slaapt of emotioneel uitgeput bent, kan zelfs een liefdevolle aanraking voelen als nóg iets dat energie vraagt.

    Dat betekent niet dat je je partner niet meer liefhebt.

    De invloed van de perimenopauze

    Tijdens de perimenopauze verandert er veel.

    Niet alleen je hormonen, maar ook je slaap, stemming en stressgevoeligheid kunnen veranderen. Veel vrouwen ervaren dat ze sneller overprikkeld zijn, minder behoefte hebben aan lichamelijke nabijheid of zich minder verbonden voelen met zichzelf.

    Daar komt soms nog bij dat seksualiteit minder prettig is geworden, bijvoorbeeld door vaginale droogheid of pijn tijdens het vrijen. Als aanraking steeds vaker wordt gekoppeld aan ongemak, is het begrijpelijk dat je lichaam zich terugtrekt.

    Aanraking en verwachting

    Voor sommige vrouwen is het probleem niet de aanraking zelf, maar wat die lijkt te betekenen.

    Een knuffel voelt niet als een knuffel, maar als het begin van seks.

    Daardoor kan zelfs een onschuldige aanraking spanning oproepen. Uit angst om verwachtingen te wekken, wordt lichamelijk contact steeds vaker vermeden.

    Dat kan leiden tot een vicieuze cirkel: minder aanraking zorgt voor meer afstand, terwijl juist die afstand de relatie onder druk zet.

    Het gaat zelden om één oorzaak

    Wanneer een vrouw zegt: “Hij mag me niet meer aanraken”, onderzoek ik niet alleen de seksualiteit.

    Ik ben ook benieuwd naar vragen als:

    • Hoe slaap je?
    • Hoeveel stress ervaar je?
    • Hoe gaat het op je werk?
    • Voel je je gezien en gesteund?
    • Heb je pijn tijdens het vrijen?
    • Gebruik je medicatie die invloed kan hebben op seksualiteit?
    • Hoe is jullie communicatie over intimiteit?

    Vaak blijkt dat meerdere factoren tegelijk een rol spelen.

    Wat kun je doen?

    Probeer nieuwsgierig te blijven naar wat er onder je gevoel ligt.

    Vraag jezelf niet alleen af waarom je geen aanraking wilt, maar ook waardoor je behoefte aan rust, afstand of bescherming is ontstaan.

    Praat erover met je partner, zonder direct op zoek te gaan naar een schuldige. Vaak helpt het al om uit te leggen dat afstand niet hetzelfde is als afwijzing.

    Blijven de klachten bestaan of zorgen ze voor spanning in je relatie? Dan kan het zinvol zijn om samen met een arts, relatietherapeut of seksuoloog te onderzoeken welke factoren meespelen.

    Tot slot

    Als je merkt dat je partner je niet meer mag aanraken, betekent dat niet automatisch dat de liefde verdwenen is.

    Soms vertelt je lichaam een verhaal dat je hoofd nog niet helemaal heeft gehoord.

    Door met aandacht te kijken naar wat er veranderd is – lichamelijk, emotioneel én relationeel – ontstaat er vaak weer ruimte voor begrip. Voor jezelf, én voor elkaar.

  • Praten met je partner over veranderingen in de overgang

    Praten met je partner over veranderingen in de overgang

    Waarom de overgang ook een relatieverhaal is

    De overgang draait niet alleen om hormonen, slaap en opvliegers; het raakt ook aan je relatie.
    Veel vrouwen merken dat hun stemming, energie en libido veranderen, en dat kan invloed hebben op de dynamiek met hun partner.

    Het lastige? Jij begrijpt soms zelf niet precies wat er gebeurt, laat staan dat je het makkelijk kunt uitleggen.

    Toch is juist open communicatie de sleutel om samen in verbinding te blijven.

    Wat er verandert?

    Tijdens de (peri)menopauze daalt het niveau van oestrogeen en progesteron.
    Dat heeft niet alleen effect op je lichaam, maar ook op:

    • Je stemming en prikkelgevoeligheid
    • Je behoefte aan nabijheid of juist ruimte
    • Je zin in seks
    • Je slaap en energie

    Hormonen beïnvloeden neurotransmitters zoals serotonine en dopamine; de stoffen die je stemming en motivatie sturen.
    Dus als je merkt dat je sneller geëmotioneerd, moe of afstandelijk bent, is dat niet “tussen je oren”: het is een biologische realiteit.

    Waarom partners vaak niet weten wat er speelt

    Veel partners willen wel begrip tonen, maar missen informatie.
    Ze zien dat je verandert, maar snappen niet waarom.

    Typische misverstanden:

    • “Ze heeft geen zin meer in mij.”
    • “Ze is altijd moe of boos, ik doe vast iets verkeerd.”
    • “Ze trekt zich terug, dus ik geef haar maar ruimte.”

    Zonder uitleg ontstaat afstand. Terwijl het juist helpt om te weten dat hormonale veranderingen invloed hebben op emoties, energie en verlangen.

    Hoe je het gesprek opent

    Praten over de overgang voelt soms kwetsbaar, zeker als er ook veranderingen in intimiteit of stemming spelen.

    Toch kun je het luchtig én eerlijk houden.

    Een paar tips:

    1. Kies een rustig moment

    Niet midden in een ruzie of als je gestrest bent, maar bijvoorbeeld tijdens een wandeling of samen aan tafel.

    2. Vertel wat je merkt, zonder oordeel

    “Ik merk dat ik sneller moe en prikkelbaar ben. Dat komt deels door hormonale veranderingen, maar ik wil dat je weet dat het niet aan jou ligt.”

    3. Deel wat je nodig hebt

    “Ik heb soms wat meer tijd voor mezelf nodig, maar dat betekent niet dat ik minder om je geef.”

    4. Geef ruimte voor zijn gevoel

    Vraag ook hoe hij het ervaart. Vaak zijn partners opgelucht dat ze mogen praten zonder schuld of spanning.

    5. Zoek samen naar verbinding

    Een klein gebaar, een wandeling, een knuffel: vaak zit verbinding in simpele momenten van herhalende aandacht.

    Wat helpt om elkaar beter te begrijpen

    Lees of luister samen naar betrouwbare informatie over de overgang.

    Kennis haalt de lading eraf.

    Plan tijd samen die niet over “moeten” gaat, maar over plezier.

    Houd humor in jullie gesprekken – dat relativeert.

    Wees mild: dit is een fase, geen eindpunt.

    Lees ook: Stress en hormonen – hoe spanning je klachten verergert

    Als praten moeilijk blijft

    Soms lukt het niet om zonder spanning te praten. Dat is normaal.
    In dat geval kan een gesprek met een arts, seksuoloog of relatietherapeut helpen om samen nieuwe woorden te vinden.

    De overgang is een proces van verandering – lichamelijk én relationeel.
    Door open te blijven praten, ontstaat vaak juist meer begrip, diepte en verbondenheid dan ooit tevoren.

  • Overgang & relatieproblemen: hoe blijven we verbonden?

    Overgang & relatieproblemen: hoe blijven we verbonden?

    De overgang raakt niet alleen je lichaam, maar vaak ook je relatie. Terwijl jij jezelf opnieuw moet uitvinden in deze hormonale levensfase, verandert de dynamiek met je partner vaak mee.


    Misschien is je zin in seks verminderd, voel je je sneller geïrriteerd, of heb je behoefte aan meer rust en ruimte voor jezelf. Intimiteit kan onder druk komen te staan, zeker als pijn bij het vrijen of verminderde opwinding speelt. Ondertussen voelt je partner zich misschien buitengesloten of onbegrepen.
    Dit alles kan leiden tot afstand, misverstanden of spanningen. Maar juist nu is verbinding belangrijk. Niet om “alles bij het oude” te houden, maar om samen opnieuw af te stemmen: Wat heb jij nodig? Wat heeft je partner nodig? En hoe kunnen jullie elkaar blijven vinden – ook als de vorm verandert?


    Een open gesprek helpt, net als kennis over wat er hormonaal én emotioneel gebeurt. Als menopauzearts en seksuoloog NVVS kijk ik graag met jullie (of alleen met jou) mee. Want relatie problemen horen niet per se bij de overgang – maar ze verdienen wél aandacht. Zodat er ruimte komt voor wederzijds begrip, nieuwe verbinding en misschien zelfs groei.

  • Waarom seks pijnlijk wordt – en wat je eraan kunt doen

    Waarom seks pijnlijk wordt – en wat je eraan kunt doen

    Veel vrouwen merken in de overgang dat seks anders aanvoelt. Minder prettig, soms zelfs pijnlijk. Dat is niet vreemd – maar het is wel iets om serieus te nemen.
    Door de daling van het oestrogeenniveau na de menopauze verandert het slijmvlies van de vagina. Het wordt dunner, droger en minder goed doorbloed. De natuurlijke smering neemt af, en de elasticiteit vermindert. Deze veranderingen vallen onder het genitourinair syndroom van de menopauze (GSM), en kunnen leiden tot een schrijnend, branderig gevoel of pijn bij het vrijen (dyspareunie).
    Daarnaast kunnen er ook andere factoren meespelen, zoals angst voor pijn, minder opwinding, spanningen in de bekkenbodemspieren of relatieproblemen. Seksualiteit is immers niet alleen lichamelijk – het zit ook in je hoofd en in je verbinding met jezelf en de ander.
    Het goede nieuws: er is echt iets aan te doen. Denk aan lokale oestrogenen, glijmiddelen, vaginale moisturizers of bekkenbodemfysiotherapie. Ook het gesprek aangaan – zonder schaamte – is een belangrijke stap.
    Als menopauzearts en seksuoloog NVVS kijk ik graag met je mee. Pijn bij seks hoort er niet “gewoon bij”. Je mag het bespreekbaar maken. En er is vaak meer mogelijk dan je denkt.