Tag: vrouwen

  • Kun je van al je klachten afkomen in de perimenopauze?

    Kun je van al je klachten afkomen in de perimenopauze?

    Kun je van al je klachten afkomen in de perimenopauze?

    Het is een vraag die ik vaak krijg in de spreekkamer:

    “Gaat dit ook weer over?”
    “Kan ik hier helemaal vanaf komen?”

    Het eerlijke antwoord is: voor een deel van de vrouwen wel. Maar niet voor iedereen.

    En dat vraagt om uitleg.


    Wat gebeurt er in de perimenopauze?

    De perimenopauze is geen fase waarin hormonen langzaam afnemen. Lees ook mijn uitgebreide uitleg over wat vrouwen nog te weinig weten over de perimenopauze.
    Het is juist een fase van schommelingen.

    Oestrogeen en progesteron wisselen soms sterk, van maand tot maand en zelfs binnen één cyclus. Dat kan invloed hebben op:

    • stemming en angstklachten
    • slaap
    • concentratie en geheugen
    • prikkelgevoeligheid
    • energie en belastbaarheid

    Belangrijk om te weten: deze klachten kunnen al beginnen terwijl je nog menstrueert.


    Kun je klachten helemaal laten verdwijnen?

    Sommige vrouwen worden met de juiste behandeling en aanpassingen vrijwel klachtenvrij.

    Maar er is ook een groep bij wie klachten blijven terugkomen, vooral in de latere fase van de perimenopauze.

    Dat heeft een reden.


    Waarom klachten soms blijven terugkomen

    Aan het einde van de perimenopauze worden de hormonale schommelingen vaak grilliger.

    Dat maakt het lastiger om het lichaam volledig “stabiel” te krijgen, zelfs met behandeling.

    Je kunt het een beetje zien als proberen bij te sturen terwijl de omstandigheden blijven veranderen.

    Dat betekent niet dat er niets mogelijk is.
    Maar wel dat het doel soms verschuift van “helemaal klachtenvrij” naar “duidelijk minder klachten, beter functioneren en je weer meer jezelf voelen”.


    Wat helpt wel?

    In de praktijk zien we vaak dat klachten wel verbeteren.

    Een combinatie werkt daarbij meestal het best:

    1. Uitleg en herkenning

    Begrijpen wat er gebeurt in je lichaam geeft rust.
    Veel vrouwen denken lange tijd dat ze “gewoon te gestrest” zijn.

    2. Leefstijl

    Slaap, herstelmomenten en omgaan met prikkels spelen een grote rol in hoe je klachten ervaart.

    3. Hormoontherapie (indien passend)

    Voor vrouwen kan hormoontherapie helpen om schommelingen te dempen.

    Belangrijk hierbij is een trial & evaluate benadering: samen kijken wat werkt, en bijstellen waar nodig.


    Een realistischer perspectief

    De vraag is dus niet alleen:
    “Kan ik van mijn klachten afkomen?”

    Maar ook:
    “Hoe kan ik mijn klachten beter begrijpen en beïnvloeden?”

    Voor veel vrouwen betekent dat:

    • minder pieken en dalen
    • beter slapen
    • meer grip op stemming en energie
    • weer beter kunnen functioneren, thuis en op werk

    Wanneer is het goed om hulp te zoeken?

    Als je merkt dat klachten invloed hebben op je dagelijks functioneren, is het zinvol om ernaar te kijken.

    Zeker als je het gevoel hebt dat je al langere tijd aan het “doorgaan” bent op je reserves.

  • “Ik reageerde vroeger slecht op de pil, dus ik wil geen hormonen meer”

    “Ik reageerde vroeger slecht op de pil, dus ik wil geen hormonen meer”

    “Ik reageerde vroeger slecht op de pil, dus ik wil geen hormonen meer”

    Het is iets wat ik vaak hoor in de spreekkamer.

    Vrouwen die vroeger vervelende ervaringen hadden met de anticonceptiepil en daarom terughoudend zijn geworden tegenover hormonen in het algemeen.

    Bijvoorbeeld vanwege:

    • stemmingsklachten
    • libidoverlies
    • aankomen in gewicht
    • vlak voelen
    • minder goed in je vel zitten

    En dat is begrijpelijk.

    Als je eerder negatieve ervaringen hebt gehad, is het logisch dat je denkt:

    “Dat wil ik nooit meer.”

    Toch is het belangrijk om te weten dat hormoontherapie tijdens de perimenopauze of menopauze iets anders is dan de anticonceptiepil.


    De anticonceptiepil en hormoontherapie zijn niet hetzelfde

    Veel vrouwen gooien deze behandelingen begrijpelijkerwijs op één hoop onder de noemer “hormonen”.

    Maar medisch gezien zijn er belangrijke verschillen.

    De klassieke combinatiepil bevat meestal:

    • synthetisch ethinylestradiol
    • een synthetisch progestageen

    Hormoontherapie bij de perimenopauze bestaat tegenwoordig vaak uit:

    • lichaams-identiek / bio-identiek estradiol
    • en gemicroniseerd progesteron

    Dat zijn hormonen die qua structuur vergelijkbaar zijn en veel dichter bij de hormonen liggen die het lichaam zelf aanmaakt.


    Ook het doel van de behandeling is anders

    De anticonceptiepil is bedoeld om de eisprong te onderdrukken en zwangerschap te voorkomen.

    Hormoontherapie heeft een ander uitgangspunt.

    Tijdens de perimenopauze proberen we juist hormonale schommelingen te ondersteunen en je stabieler te maken.

    In de postmenopauze geven we hormonen terug die je lichaam te laag zelf aanmaakt, om zo klachten daarvan te verminderen.

    Dat is een belangrijk verschil.


    Betekent dit dat je géén bijwerkingen kunt krijgen?

    Nee.

    Ook lichaamsidentieke hormoontherapie kan bijwerkingen geven. En niet iedere vrouw reageert hetzelfde.

    Maar eerdere negatieve ervaringen met de pil betekenen niet automatisch dat hormoontherapie ook niet bij je past.

    Dat onderscheid geeft vaak opluchting.


    Waarom dit juist in de perimenopauze verwarrend kan zijn

    Veel vrouwen komen pas opnieuw met hormonen in aanraking wanneer ze klachten krijgen tijdens de perimenopauze.

    Lees ook mijn uitgebreide uitleg over wat vrouwen nog te weinig weten over de perimenopauze.

    En dan komt die oude ervaring met de pil vaak direct weer naar boven.

    “Daar reageerde ik vroeger al slecht op.”

    Maar de situatie is nu anders:

    • je hormoonhuishouding is anders
    • het doel van behandeling is anders
    • het type hormonen is vaak anders
    • de doseringen zijn anders

    Daarom is het belangrijk om opnieuw en individueel te kijken wat passend kan zijn.


    Een trial & evaluate benadering

    In de menopauzezorg bestaat zelden één perfecte oplossing die voor iedereen hetzelfde werkt.

    Vaak kijken we samen:

    • welke klachten op de voorgrond staan
    • welke eerdere ervaringen iemand heeft gehad
    • welke zorgen er leven rondom hormonen
    • en hoe iemand reageert op behandeling

    Soms helpt hormoontherapie veel.
    Soms beperkt.
    En soms blijkt een andere aanpak beter passend.

    Die nuance is belangrijk.


    Je hoeft niet direct “ja” of “nee” tegen hormonen te zeggen

    Veel vrouwen denken dat ze meteen een definitieve keuze moeten maken.

    Maar vaak helpt het juist om eerst goed uitleg te krijgen over:

    • de verschillen tussen behandelingen
    • mogelijke voordelen en nadelen
    • en wat realistische verwachtingen zijn

    Van daaruit kun je samen kijken wat bij jou past.

  • Waarom je lontje korter wordt in de overgang (en wat er hormonaal gebeurt)

    Waarom je lontje korter wordt in de overgang (en wat er hormonaal gebeurt)

    Veel vrouwen merken dat hun reacties veranderen in de perimenopauze. Dingen die vroeger langs je heen gingen, kunnen ineens frustrerend voelen. Je reageert sneller, raakt eerder overprikkeld of merkt dat je minder geduld hebt met collega’s, je partner en/of je kinderen.

    Dat kan verwarrend zijn. Zeker als je jezelf altijd hebt gezien als iemand die rustig en stabiel is. Veel vrouwen vragen zich af: wat is er met mij aan de hand?

    Wat vaak niet wordt herkend, is dat hormonale veranderingen een grote rol spelen in hoe je brein emoties verwerkt.

    Veel van deze klachten beginnen al in de perimenopauze.
    Lees ook mijn uitgebreide uitleg over wat vrouwen nog te weinig weten over de perimenopauze.

    Oestrogeen en emotionele regulatie

    Oestrogeen beïnvloedt neurotransmitters die betrokken zijn bij stemming, prikkelverwerking en stressregulatie. Wanneer oestrogeen begint te schommelen, kan je zenuwstelsel gevoeliger reageren op prikkels.

    Daardoor kun je sneller geïrriteerd raken of minder goed tegen drukte en onverwachte veranderingen. Het is niet dat je minder geduldig bent geworden als persoon; je systeem staat simpelweg meer “aan”.

    Slechte slaap maakt je emotionele draagkracht kleiner

    Veel vrouwen slapen minder diep in de perimenopauze. Nachtelijk wakker worden, opvliegers of een onrustig gevoel zorgen ervoor dat je brein minder herstelt.

    Slaaptekort verlaagt je frustratietolerantie. Kleine dingen voelen groter en herstel na stress duurt langer. Dat kan ervoor zorgen dat je lontje korter is, terwijl je lichaam eigenlijk overbelast is.

    Werkstress en overprikkeling versterken het effect

    Op de werkvloer kan dit extra zichtbaar worden. Deadlines, vergaderingen en sociale interacties vragen meer energie dan vroeger. Daardoor kun je sneller geïrriteerd raken of het gevoel krijgen dat alles te veel is.

    Veel vrouwen worden vervolgens streng voor zichzelf. Ze denken dat ze minder professioneel zijn geworden. Terwijl het vaak gaat om een tijdelijk veranderde stressgevoeligheid.

    Wat kan helpen?

    Het belangrijkste is erkennen dat er een lichamelijke component meespeelt. Daarna kun je kijken wat helpt om je systeem te ondersteunen:

    • voldoende herstelmomenten gedurende de dag
    • regelmaat in slaap en ritme
    • beweging om spanning af te voeren
    • realistische verwachtingen stellen
    • bespreek klachten als ze je functioneren beïnvloeden

    Het doel is niet om jezelf te veranderen, maar om je omgeving en ritme aan te passen aan wat je lichaam nodig heeft.

    Je bent niet minder geworden

    Een korter lontje betekent niet dat je minder veerkrachtig bent. Het betekent vaak dat je brein anders reageert door hormonale veranderingen. Met de juiste ondersteuning kan er weer meer rust ontstaan.

  • Welke soort rust heb je eigenlijk nodig in de perimenopauze?

    Welke soort rust heb je eigenlijk nodig in de perimenopauze?

    “Ik ben zo moe.”

    Het is een zin die ik vaak hoor in de spreekkamer.

    Veel vrouwen proberen die vermoeidheid op te lossen door eerder naar bed te gaan, meer uit te slapen of rustiger aan te doen. En soms helpt dat ook (als het lukt om daadwerkelijk te slapen).

    Maar lang niet altijd.

    Want rust is meer dan slapen.

    Je kunt acht uur slapen en je toch uitgeput voelen. Niet omdat je lichaam geen slaap krijgt, maar omdat je eigenlijk een ander soort rust tekortkomt.

    En juist in de perimenopauze wordt dat vaak zichtbaar.


    Vermoeidheid in de perimenopauze is niet alleen lichamelijk

    De perimenopauze is een fase van hormonale schommelingen. Dat kan invloed hebben op slaap, stressgevoeligheid, emoties, prikkelverwerking en herstel.

    Veel vrouwen blijven ondertussen doorgaan. Werk, gezin, zorgen voor anderen, mentale belasting, altijd bereikbaar zijn.

    Daardoor ontstaat er vaak een opstapeling van verschillende soorten vermoeidheid.

    Niet alleen lichamelijk, maar ook mentaal, emotioneel en sociaal.


    De verschillende vormen van rust

    Er zijn zeven verschillende vormen van rust. Dat onderscheid helpt vaak om beter te begrijpen waar je eigenlijk moe van bent.


    1. Fysieke rust

    Dit gaat over herstel van het lichaam.

    Dat kan passieve rust zijn, zoals slapen of even liggen. Maar ook actieve rust, zoals yoga, rekken, een rustige wandeling of massage.

    In de perimenopauze zien we vaak dat lichamelijk herstel minder vanzelfsprekend wordt. Slechte slaap, stresshormonen en hormonale schommelingen kunnen ervoor zorgen dat het lichaam minder goed “oplaadt”.


    2. Mentale rust

    Mentale rust gaat over rust in je hoofd.

    Veel vrouwen beschrijven een voortdurend gevoel van “aan staan”. Altijd nadenken, plannen, onthouden of schakelen.

    Mentale rust kan zitten in:

    • minder multitasken
    • stilte
    • minder schermtijd
    • gedachten opschrijven
    • even geen beslissingen hoeven nemen

    Vooral vrouwen die veel verantwoordelijkheid dragen, merken vaak hoe moeilijk echte mentale rust geworden is.


    3. Emotionele rust

    Emotionele rust betekent dat je niet voortdurend sterk hoeft te zijn.

    Niet altijd aangepast, zorgzaam of sociaal beschikbaar hoeven zijn.

    Dit gaat over:

    • eerlijk kunnen zeggen hoe het echt gaat
    • je veilig voelen
    • niet continu een masker hoeven dragen

    Veel vrouwen realiseren zich pas hoe vermoeiend het is om zichzelf steeds bij elkaar te houden.


    4. Sociale rust

    Niet alle sociale contacten geven energie.

    Sommige kosten juist energie, zeker als je al overprikkeld of uitgeput bent.

    Sociale rust kan betekenen:

    • even alleen zijn
    • minder afspraken
    • afstand nemen van energielekkende contacten
    • juist tijd doorbrengen met mensen bij wie je kunt ontspannen

    5. Zintuiglijke rust

    Ons zenuwstelsel krijgt tegenwoordig voortdurend prikkels te verwerken.

    Geluid, schermen, notificaties, licht, informatie, gesprekken.

    In de perimenopauze worden veel vrouwen gevoeliger voor die constante input.

    Zintuiglijke rust kan helpen:

    • minder schermen
    • stilte
    • zacht licht
    • even geen podcast of muziek
    • notificaties uitzetten

    Soms merk je pas hoeveel spanning je lichaam vasthoudt wanneer het eindelijk stil wordt.


    6. Creatieve rust

    Creatieve rust gaat niet over zelf iets maken, maar over geïnspireerd raken.

    Natuur, muziek, kunst, mooie ruimtes of verwondering kunnen het zenuwstelsel helpen ontspannen.

    Dat klinkt misschien klein, maar juist dit soort momenten ontbreken vaak volledig in drukke levens.


    7. Spirituele of existentiële rust

    Dit gaat over betekenis, richting en verbinding.

    Voor de één zit dat in meditatie of geloof. Voor de ander in natuur, reflectie of leven op een manier die echt klopt met wie je bent.

    Juist rond de perimenopauze ontstaat bij veel vrouwen een fase van heroriëntatie.

    “Hoe wil ik eigenlijk verder?”
    “Wat past nog bij mij?”

    Ook dat kost energie.


    Soms is slaap niet het echte probleem

    Veel vrouwen denken dat ze vooral slaap tekortkomen.

    Maar iemand kan:

    • lichamelijk fit zijn en emotioneel uitgeput
    • genoeg slapen maar sociaal overbelast zijn
    • mentale rust missen terwijl het lichaam eigenlijk prima functioneert

    Dat onderscheid maakt vaak duidelijker welk herstel je werkelijk nodig hebt.


    Overprikkeling en het zenuwstelsel

    Sommige vrouwen merken vooral dat hun zenuwstelsel voortdurend alert blijft.

    Snel schrikken. Moeite met herstellen. Overprikkeld raken van geluid, drukte of sociale verwachtingen.

    Dat zien we regelmatig in de perimenopauze, zeker als er daarnaast veel stress speelt.

    Dan helpt herstel vaak niet alleen door “meer rust nemen”, maar door actief te kijken hoe het zenuwstelsel weer meer veiligheid en herstel kan ervaren.


    Een helpende vraag

    Misschien is de belangrijkste vraag niet:

    “Waarom ben ik zo moe?”

    Maar: “Waar ben ik eigenlijk moe van?”

    Dat geeft vaak veel meer richting.

  • Hormoontherapie in de overgang: wanneer is het logisch om het te overwegen?

    Hormoontherapie in de overgang: wanneer is het logisch om het te overwegen?

    Veel vrouwen twijfelen over hormoontherapie. Ze vragen zich af of het “te vroeg” is, of ze eerst moeten wachten tot de menopauze officieel is vastgesteld, of dat klachten vanzelf weer verdwijnen.

    Wat vaak niet duidelijk wordt uitgelegd, is dat hormoontherapie niet alleen bedoeld is voor de fase na de laatste menstruatie. Ook in de perimenopauze kan het, na een afweging van de voor en nadelen, een optie zijn.

    Je hoeft niet te wachten tot je menstruatie stopt

    Een veelgehoord advies is om pas na de menopauze naar een behandeling te kijken. Maar klachten beginnen vaak jaren eerder. Slechte slaap, stemmingsschommelingen, opvliegers of extreme vermoeidheid kunnen al in de perimenopauze ontstaan.

    Als klachten je functioneren beïnvloeden, kan het zinvol zijn om samen met je arts te bespreken welke ondersteuning passend is.

    Veel van deze klachten beginnen al in de perimenopauze.
    Lees ook mijn uitgebreide uitleg over wat vrouwen nog te weinig weten over de perimenopauze.

    De proberen en evalueren benadering

    Hormoontherapie hoeft geen definitieve keuze te zijn. Soms is het juist een manier om te onderzoeken of hormonale ondersteuning verschil maakt.

    Je kunt starten, evalueren hoe je je voelt en samen met je arts bekijken of het helpt. Als het niet past, kun je ook weer stoppen. Het is geen alles-of-niets beslissing.

    Wat vrouwen vaak denken versus wat realistischer is

    Veel vrouwen denken dat hormoontherapie alleen bedoeld is voor ernstige klachten. Of dat het een grote stap is waar je niet meer op terugkomt.

    In werkelijkheid is het vaak een proces van afstemmen. Wat past bij jouw klachten, jouw gezondheid en jouw levensfase.

    Het doel is niet om iemand anders te worden, maar om weer dichter bij jezelf te komen.

    Wanneer kan het logisch zijn om het te overwegen?

    • bij opvliegers of nachtzweten
    • bij slaapproblemen die niet herstellen
    • bij stemmingsklachten die samenhangen met hormonale schommelingen

    Bespreek altijd samen met je arts wat in jouw situatie passend is.

    Een brug tussen begrijpen en hulp zoeken

    Hormoontherapie is geen verplichting en niet voor iedereen. Maar het kan wel een optie zijn die je helpt om niet onnodig door te lopen met klachten.

    Hoe eerder je begrijpt wat er speelt, hoe meer ruimte er is om keuzes te maken die bij jou passen.

  • Minder zelfvertrouwen in de overgang? Wat er in je brein gebeurt (en waarom het weer terug kan komen)

    Minder zelfvertrouwen in de overgang? Wat er in je brein gebeurt (en waarom het weer terug kan komen)

    Veel vrouwen schrikken als ze merken dat hun zelfvertrouwen verandert.
    Waar je vroeger zonder nadenken een vergadering inging of een presentatie gaf, kan dat ineens spanning oproepen. Je twijfelt vaker, voelt je minder zeker of hebt het idee dat je niet meer dezelfde versie van jezelf bent.

    Wat vaak niet wordt herkend, is dat deze verandering al kan beginnen in de perimenopauze, jaren voordat de menstruatie stopt. En juist doordat niemand het benoemt, denken veel vrouwen dat ze zichzelf kwijt zijn geraakt.

    Lees ook mijn uitgebreide uitleg over wat vrouwen nog te weinig weten over de perimenopauze.

    Maar wat je voelt is niet alleen psychologisch. Het heeft ook een biologische kant.

    De invloed van hormonen op zelfvertrouwen

    Oestrogeen ondersteunt verschillende systemen in het brein die betrokken zijn bij focus, geheugen en emotionele stabiliteit. Wanneer oestrogeen begint te schommelen, kan je brein gevoeliger worden voor stress en onzekerheid.

    Dat betekent niet dat je minder capabel bent geworden. Het betekent dat je zenuwstelsel anders reageert op prikkels.

    Veel vrouwen beschrijven dat ze sneller twijfelen aan beslissingen of bang zijn om fouten te maken, terwijl hun kennis en ervaring niet veranderd zijn.

    Hersenmist en onzekerheid gaan vaak samen

    Wanneer concentratie minder vanzelf gaat en woorden soms minder snel komen, kan dat invloed hebben op hoe je jezelf ziet. Zeker op de werkvloer kan dit voelen alsof je achteruitgaat.

    Die ervaring kan een vicieuze cirkel creëren: minder vertrouwen leidt tot meer spanning, en meer spanning versterkt weer de hersenmist.

    Het is belangrijk om te weten dat dit een herkenbaar patroon is in de perimenopauze en geen teken dat je je kwaliteiten verliest.

    Werkdruk en verwachtingen maken het zwaarder

    Veel vrouwen bevinden zich in deze levensfase in een periode met veel verantwoordelijkheden. Werk, gezin, zorg voor anderen en maatschappelijke verwachtingen lopen door terwijl je lichaam verandert.

    Als de draagkracht tijdelijk afneemt, kan dat voelen als falen. Terwijl het eigenlijk een signaal is dat je lichaam een andere vorm van balans nodig heeft.

    Door verwachtingen bij te stellen en ruimte te maken voor herstel, kan er vaak weer meer rust ontstaan.

    Het goede nieuws: zelfvertrouwen kan terugkomen

    Dit is misschien wel het belangrijkste om te weten: veel vrouwen ervaren dat hun zelfvertrouwen weer groeit zodra hun lichaam meer stabiliteit vindt.

    Wanneer slaap verbetert, prikkels beter gereguleerd worden en hormonale ondersteuning passend is, voelen veel vrouwen zich weer dichter bij zichzelf.

    Zelfvertrouwen is geen vaststaande karaktereigenschap. Het beweegt mee met hoe je lichaam en brein functioneren. En dat betekent ook dat het weer kan herstellen.

    Wat kan helpen om weer meer vertrouwen te voelen?

    • mildheid naar jezelf
    • kleine, haalbare stappen in plaats van alles tegelijk willen aanpassen
    • bespreekbaar maken van veranderingen op het werk
    • goede slaap en herstelmomenten
    • medische ondersteuning wanneer klachten blijven aanhouden

    Kleine veranderingen kunnen al een groot verschil maken.

    Je bent niet minder geworden, je bent aan het veranderen

    De overgang is geen verlies van wie je bent. Het is een fase waarin je lichaam zich opnieuw afstemt. Met begrip, ondersteuning en tijd kan er weer ruimte ontstaan voor energie, helderheid en vertrouwen.

    Veel vrouwen merken uiteindelijk dat ze niet alleen herstellen, maar ook nieuwe kracht ontwikkelen, vaak met meer grenzen, meer zelfkennis en meer rust dan daarvoor.

  • Menopauze op de werkvloer: wat als werken ineens zwaarder voelt?

    Menopauze op de werkvloer: wat als werken ineens zwaarder voelt?

    Veel vrouwen merken dat werken ineens anders voelt.
    De werkdag lijkt langer, de takenlijst eindeloos en wat eerder vanzelf ging kost ineens veel meer energie.

    Wat vaak niet wordt herkend, is dat deze verandering start jaren vóór de menopauze kan beginnen. De effecten van de perimenopauze starten vaak al lang voordat je menstruatie stopt. En juist daardoor zien vrouwen zelf, én hun omgeving, niet altijd wat er werkelijk speelt.

    De overgang gaat niet alleen over opvliegers. Het is een hormonale overgang die invloed heeft op je brein, je energie, je stemming en je draagkracht en dus ook op je functioneren op het werk.

    De impact van perimenopauze op je werk

    Veel vrouwen beschrijven een gevoel van frustratie:
    je wil nog steeds hetzelfde, maar je lichaam en je hoofd werken niet meer mee zoals vroeger.

    Je kunt last krijgen van:

    • enorme vermoeidheid waardoor je minder alert bent
    • hersenmist en vergeetachtigheid
    • angst om niet meer te kunnen presteren
    • angst of overmatige spanning om te presenteren
    • opvliegers die uit het niets komen
    • slechter slapen waardoor de werkdag zwaarder wordt
    • emotionele schommelingen of prikkelbaarheid

    Vooral hersenmist kan zwaar wegen. Presenteren voelt ineens spannend, gesprekken kosten meer energie en je kunt bang zijn dat anderen denken dat je minder capabel bent.

    Die angst kan weer leiden tot paniekklachten of extra stress, waardoor het nog moeilijker wordt om ontspannen te werken en goed te slapen.

    En als je dit alles op je werk ervaart, is de kans groot dat je thuis ook minder energie hebt en minder ruimte voelt om echt tot rust te komen.

    Veel van deze klachten beginnen al in de perimenopauze.
    Lees ook mijn uitgebreide uitleg over wat vrouwen nog te weinig weten over de perimenopauze.

    Waarom zoveel vrouwen zichzelf niet herkennen

    Een belangrijk punt is dat perimenopauze vaak niet wordt herkend. Niet door werkgevers, niet door collega’s en soms ook niet door vrouwen zelf.

    Dit kan komen omdat:

    • de menstruatie er nog is
    • opvliegers niet altijd het eerste symptoom zijn
    • psychische klachten vaak eerder beginnen
    • er nog steeds weinig aandacht is voor deze fase

    Veel vrouwen denken dat ze “gewoon overbelast” zijn of dat ze minder goed functioneren dan vroeger. Terwijl het lichaam eigenlijk bezig is met een hormonale overgang.

    Het gebrek aan ondersteuning op de werkvloer

    Nog steeds voelen veel vrouwen zich alleen met hun klachten. Er wordt weinig over gesproken en ondersteuning is niet vanzelfsprekend.

    Sommigen nemen vaker verlof op.
    Anderen verminderen hun uren.
    En helaas zijn er ook vrouwen die hun baan verlaten omdat ze denken dat ze geen andere keuze hebben.

    Dat is zonde. Niet alleen voor vrouwen zelf, maar ook voor organisaties die ervaring en kennis verliezen.

    Als je overweegt om te stoppen met werken, is het belangrijk om daar goed bij stil te staan. Niet vanuit paniek, maar vanuit overzicht.

    Wat heb je nog te bieden?
    Wat heb je nodig om te blijven functioneren?
    En welke ondersteuning zou verschil kunnen maken?

    Maak het bespreekbaar, ook als dat spannend voelt

    Als je opziet tegen je werkdag, probeer dan het gesprek aan te gaan met je leidinggevende. Dat hoeft niet meteen een groot verhaal te zijn.

    Je kunt bijvoorbeeld aangeven dat je merkt dat je energie anders is, dat je slaap slechter is of dat je tijdelijk ondersteuning nodig hebt.

    Vaak is je omgeving minder verrast dan je denkt. Collega’s zien vaak al dat er iets verandert, maar weten niet hoe ze het moeten benoemen.

    Door het bespreekbaar te maken kan er er ruimte ontstaan voor aanpassingen, begrip en soms zelfs structurele verandering binnen een organisatie.

    Wat kan helpen?

    Er is niet één oplossing die voor iedereen werkt, maar dit zijn stappen die vaak helpend zijn:

    • realistische werkdruk en duidelijke prioriteiten
    • flexibiliteit in werktijden waar mogelijk
    • meer herstelmomenten gedurende de dag
    • begrip vanuit leidinggevenden en collega’s
    • tijdig medische begeleiding bij klachten

    En misschien wel het belangrijkste: erken dat je lichaam verandert. Het gaat niet om minder inzet, maar om een andere fase van je leven.

    Start je met hormoontherapie? Geef het de tijd

    Sommige vrouwen starten met hormoontherapie (HRT) om klachten te verminderen. Het kan helpen bij slaap, opvliegers, stemming en energie.

    Maar het effect is niet altijd meteen merkbaar. Het kan even duren voordat je lichaam weer meer balans voelt.

    Door dit ook met je omgeving te delen, creëer je begrip. Het laat zien dat je actief bezig bent met herstel en het kan anderen helpen om hun eigen klachten eerder te herkennen.

    Een positieve verandering begint met herkenning

    Als we beter begrijpen wat perimenopauze en menopauze betekenen voor vrouwen op de werkvloer, kan er veel veranderen. Minder schaamte, meer begrip en meer ruimte om ondersteuning te bieden.

    Dus herken je jezelf hierin?
    Blijf er niet alleen mee rondlopen.

    Vraag om een gesprek.
    Geef het de tijd die het verdient.
    En weet dat hulp mogelijk is, maar dat begint met herkennen wat er speelt.

  • Wat moet je weten over de perimenopauze?

    Wat moet je weten over de perimenopauze?

    Medisch gezien wordt de menopauze gedefinieerd als: 12 maanden na je laatste menstruatie. Die definitie is nuttig, maar ook onvolledig. De overgang gaat namelijk niet alleen over menstruaties. Er zijn meer dan 80 erkende klachten die samenhangen met de overgangsfase; van de hersenen en het hart- en vaatstelsel tot botten, stofwisseling, de urogenitale gezondheid, slaap, stemming en cognitie.

    Opvliegers zijn het bekendst, vooral door hoe ze in de media worden weergegeven. Maar ze zijn slechts het meest zichtbare symptoom. Wat we vaak “de overgang” noemen, is geen enkel moment. Het is geen knop die je omzet. En biologisch gezien is het niet eens het meest interessante deel. De echte verandering begint jaren eerder. En die fase heet: de perimenopauze.

    Perimenopauze is de overgang voordat je het doorhebt

    De perimenopauze is de fase vóór de menopauze en kan 10 tot 12 jaar duren. Dat is precies waarom zoveel vrouwen zichzelf niet herkennen in wat er gebeurt. Want je kunt in deze fase nog gewoon menstrueren. Soms zelfs redelijk regelmatig. En toch kun je al allerlei overgangsklachten ervaren.

    Veel vrouwen krijgen dan te horen dat ze “te jong zijn” voor de overgang. Terwijl hun lichaam allang midden in een hormonale overgang zit.

    Waarom is perimenopauze zo’n chaotische fase?

    Veel mensen denken dat het lichaam rustig afbouwt: een regelmatige cyclus die langzaam minder wordt en dan stopt. Maar zo werkt het meestal niet.

    De eierstokken gaan niet rustig uit. Ze sputteren. Ze schieten uit. Ze vallen stil. En ze starten weer opnieuw. Dat maakt perimenopauze voor veel vrouwen de meest hormonale onrustige periode van hun hele leven.

    De cyclus verandert doordat eisprongen minder voorspelbaar worden en hormonen sterker gaan schommelen. Vooral oestrogeen kan in deze fase pieken en dalen op een manier die je jarenlang niet hebt meegemaakt. Progesteron wordt vaak onregelmatiger/minder omdat de eisprong minder betrouwbaar is. En juist die schommelingen maken klachten heftiger.

    Waarom heb je juist méér klachten als je hormonen nog “iets doen”?

    Dit is een van de grootste misverstanden rondom perimenopauze. Veel vrouwen denken: als ik nog ongesteld word, dan kan het niet hormonaal zijn. Maar de klachten in de perimenopauze ontstaan vaak juist doordat je hormonen nog wel actief zijn, maar niet meer een vast ritme en verhoudingen hebben.

    Je kunt bijvoorbeeld periodes hebben waarin oestrogeen relatief hoog is en je je opgejaagd, gespannen of onrustig voelt. En daarna ineens een fase waarin je juist een dip ervaart: moe, emotioneel, somber of kwetsbaar. En het slapen gaat ondertussen steeds slechter of wisselender, vaak niet meer iets waar je op kan rekenen.

    Dat maakt deze fase zo verwarrend. Vrouwen voelen zich soms alsof ze zichzelf kwijt zijn. Ze ervaren plotselinge woede, verdriet, angst of overprikkeling en kunnen dat niet altijd plaatsen. Maar dit zijn echte fysiologische veranderingen in een brein dat reageert op hormonale instabiliteit.

    Perimenopauze gaat niet alleen over je menstruatie

    Wat veel vrouwen niet weten, is dat perimenopauze effect heeft op veel meer systemen in het lichaam. Oestrogeen is niet alleen een voortplantingshormoon. Het beïnvloedt neurotransmitters, slaapkwaliteit, stressregulatie, spieropbouw en zelfs je stofwisseling.

    Veel voorkomende klachten in de perimenopauze zijn bijvoorbeeld slaapverstoring, hersenmist, prikkelbaarheid, stemmingswisselingen, angst of paniekgevoelens, gewichtstoename rond de buik, minder belastbaarheid, hartkloppingen en een veranderd libido.

    Dit betekent niet dat er “iets mis” is met jou. Het betekent dat je lichaam aan het schakelen is.

    De menopauze komt soms vrij stilletjes, maar daarna begint de langste fase

    De menopauze zelf komt vaak vrij stilletjes: één jaar zonder menstruatie en dan is het medisch gezien officieel. Daarna volgt de postmenopauze, en die is niet kort. Dit is zelfs de langste fase, waarin gezondheidsrisico’s zich kunnen opstapelen, zoals hart- en vaatziekten, osteoporose, urogenitale klachten, metabole ziekten en cognitieve achteruitgang.

    Vanaf dat moment gaat het niet alleen meer om klachten verminderen, maar ook om kwaliteit van leven op lange termijn. En precies daarom is het zo belangrijk om de perimenopauze serieus te nemen. Niet pas wanneer alles “gestopt” is, maar juist wanneer het begint te schuiven.

    Waarom is dit zo lang onvoldoende uitgelegd?

    Omdat de overgang lange tijd is weggezet als iets dat je moet uitzitten. En omdat er in de zorg vaak te veel focus ligt op dat ene moment: de menopauze. Terwijl de perimenopauze voor veel vrouwen juist de meest ontregelende periode is.

    Een van de meest schadelijke adviezen die vrouwen nog steeds krijgen is: wacht maar tot je menstruatie stopt. Want dan ben je al jaren verder, terwijl er vaak veel eerder ondersteuning mogelijk is.

    Het doel is niet om te overleven tot de menopauze. Het doel is om gezond, stabiel en sterk te blijven terwijl je door deze overgang beweegt.

    Perimenopauze checklist: herken je dit?

    Je cyclus verandert (korter, langer, heviger of onregelmatig)
    Je slaapt slechter of wordt vaker wakker
    Je voelt je emotioneler of sneller boos
    Je ervaart meer angst, onrust of paniek dan vroeger
    Je concentratie is minder of je hebt hersenmist
    Je hebt sneller hoofdpijn of migraine
    Je komt makkelijker aan, vooral rond je buik
    Je voelt je sneller overprikkeld
    Je libido verandert

    Herken je meerdere punten, dan kan perimenopauze zeker meespelen.

    Wanneer is het verstandig om je klachten te bespreken?

    Neem contact op met je (huis)arts als je langdurig somber of angstig bent, extreem moe blijft zonder herstel, hevig bloedverlies hebt, hartkloppingen ervaart die je ongerust maken of als klachten je dagelijks functioneren beïnvloeden.

    Je hoeft niet te wachten tot je menstruatie stopt.

  • Hersenmist in de overgang: waarom het soms voelt alsof je “watten in je hoofd” hebt

    Hersenmist in de overgang: waarom het soms voelt alsof je “watten in je hoofd” hebt

    Veel vrouwen in de (peri)menopauze herkennen het: moeite met concentreren, woorden kwijt zijn, sneller afgeleid raken of het gevoel hebben dat je hoofd “vol watten” zit. Het kan onzeker maken, zeker als je gewend bent scherp te zijn en veel te overzien.

    Hersenmist is een veelvoorkomende overgangsklacht en heeft meestal een lichamelijke oorzaak. Het is geen teken van luiheid, ouderdom of gebrek aan inzet.

    Wat is hersenmist eigenlijk?

    Hersenmist is een verzamelterm voor klachten zoals:

    • verminderde concentratie
    • vergeetachtigheid
    • trager denken
    • moeite met plannen en overzicht houden
    • sneller mentale vermoeidheid

    In de overgang verandert de hormonale ondersteuning van je brein. Oestrogeen speelt een belangrijke rol in de doorbloeding van de hersenen en in de werking van neurotransmitters die betrokken zijn bij geheugen en focus. Wanneer oestrogeen daalt of schommelt, kan dat direct invloed hebben op hoe helder je denkt.

    De rol van slaap en stress

    Hersenmist staat zelden op zichzelf. Slechte slaap en langdurige stress versterken de klachten. Nachtelijk wakker worden, onrustige nachten of vroeg wakker zijn zorgen ervoor dat je brein onvoldoende herstelt.

    Daarnaast verhoogt stress het stresshormoon cortisol. Een langdurig verhoogde cortisolspiegel beïnvloedt het geheugen en de concentratie. In combinatie met hormonale veranderingen ontstaat zo een gevoel van mentale overbelasting.

    Veel vrouwen merken dat hun hersenmist erger wordt in drukke periodes of wanneer ze zichzelf blijven pushen.

    Wat helpt bij hersenmist in de overgang?

    Je hoeft niet alles tegelijk aan te pakken. Dit zijn stappen die in de praktijk vaak helpen:

    • zorg voor vaste slaap- en waaktijden
    • beperk prikkels en multitasken
    • eet regelmatig en eiwitrijk
    • beweeg dagelijks, liefst buiten
    • maak gebruik van structuur: lijstjes, reminders, pauzes

    Soms is het zinvol om bloedonderzoek te laten doen, bijvoorbeeld naar ijzer, schildklier, vitamine B12 of vitamine D. Tekorten kunnen hersenmist verergeren.

    Blijven de klachten ernstig of toenemend, bespreek ze dan met je arts.

    Mildheid helpt ook

    Hersenmist kan frustrerend zijn. Veel vrouwen worden streng voor zichzelf, terwijl hun lichaam juist om ondersteuning vraagt.

    Mildheid en realistische verwachtingen zijn geen zwakte, maar onderdeel van herstel.

  • Praten met je partner over veranderingen in de overgang

    Praten met je partner over veranderingen in de overgang

    Waarom de overgang ook een relatieverhaal is

    De overgang draait niet alleen om hormonen, slaap en opvliegers; het raakt ook aan je relatie.
    Veel vrouwen merken dat hun stemming, energie en libido veranderen, en dat kan invloed hebben op de dynamiek met hun partner.

    Het lastige? Jij begrijpt soms zelf niet precies wat er gebeurt, laat staan dat je het makkelijk kunt uitleggen.

    Toch is juist open communicatie de sleutel om samen in verbinding te blijven.

    Wat er verandert?

    Tijdens de (peri)menopauze daalt het niveau van oestrogeen en progesteron.
    Dat heeft niet alleen effect op je lichaam, maar ook op:

    • Je stemming en prikkelgevoeligheid
    • Je behoefte aan nabijheid of juist ruimte
    • Je zin in seks
    • Je slaap en energie

    Hormonen beïnvloeden neurotransmitters zoals serotonine en dopamine; de stoffen die je stemming en motivatie sturen.
    Dus als je merkt dat je sneller geëmotioneerd, moe of afstandelijk bent, is dat niet “tussen je oren”: het is een biologische realiteit.

    Waarom partners vaak niet weten wat er speelt

    Veel partners willen wel begrip tonen, maar missen informatie.
    Ze zien dat je verandert, maar snappen niet waarom.

    Typische misverstanden:

    • “Ze heeft geen zin meer in mij.”
    • “Ze is altijd moe of boos, ik doe vast iets verkeerd.”
    • “Ze trekt zich terug, dus ik geef haar maar ruimte.”

    Zonder uitleg ontstaat afstand. Terwijl het juist helpt om te weten dat hormonale veranderingen invloed hebben op emoties, energie en verlangen.

    Hoe je het gesprek opent

    Praten over de overgang voelt soms kwetsbaar, zeker als er ook veranderingen in intimiteit of stemming spelen.

    Toch kun je het luchtig én eerlijk houden.

    Een paar tips:

    1. Kies een rustig moment

    Niet midden in een ruzie of als je gestrest bent, maar bijvoorbeeld tijdens een wandeling of samen aan tafel.

    2. Vertel wat je merkt, zonder oordeel

    “Ik merk dat ik sneller moe en prikkelbaar ben. Dat komt deels door hormonale veranderingen, maar ik wil dat je weet dat het niet aan jou ligt.”

    3. Deel wat je nodig hebt

    “Ik heb soms wat meer tijd voor mezelf nodig, maar dat betekent niet dat ik minder om je geef.”

    4. Geef ruimte voor zijn gevoel

    Vraag ook hoe hij het ervaart. Vaak zijn partners opgelucht dat ze mogen praten zonder schuld of spanning.

    5. Zoek samen naar verbinding

    Een klein gebaar, een wandeling, een knuffel: vaak zit verbinding in simpele momenten van herhalende aandacht.

    Wat helpt om elkaar beter te begrijpen

    Lees of luister samen naar betrouwbare informatie over de overgang.

    Kennis haalt de lading eraf.

    Plan tijd samen die niet over “moeten” gaat, maar over plezier.

    Houd humor in jullie gesprekken – dat relativeert.

    Wees mild: dit is een fase, geen eindpunt.

    Lees ook: Stress en hormonen – hoe spanning je klachten verergert

    Als praten moeilijk blijft

    Soms lukt het niet om zonder spanning te praten. Dat is normaal.
    In dat geval kan een gesprek met een arts, seksuoloog of relatietherapeut helpen om samen nieuwe woorden te vinden.

    De overgang is een proces van verandering – lichamelijk én relationeel.
    Door open te blijven praten, ontstaat vaak juist meer begrip, diepte en verbondenheid dan ooit tevoren.