Veel vrouwen merken dat hun reacties veranderen in de perimenopauze. Dingen die vroeger langs je heen gingen, kunnen ineens frustrerend voelen. Je reageert sneller, raakt eerder overprikkeld of merkt dat je minder geduld hebt met collega’s, je partner en/of je kinderen.
Dat kan verwarrend zijn. Zeker als je jezelf altijd hebt gezien als iemand die rustig en stabiel is. Veel vrouwen vragen zich af: wat is er met mij aan de hand?
Wat vaak niet wordt herkend, is dat hormonale veranderingen een grote rol spelen in hoe je brein emoties verwerkt.
Veel van deze klachten beginnen al in de perimenopauze.
Lees ook mijn uitgebreide uitleg over wat vrouwen nog te weinig weten over de perimenopauze.
Oestrogeen en emotionele regulatie
Oestrogeen beïnvloedt neurotransmitters die betrokken zijn bij stemming, prikkelverwerking en stressregulatie. Wanneer oestrogeen begint te schommelen, kan je zenuwstelsel gevoeliger reageren op prikkels.
Daardoor kun je sneller geïrriteerd raken of minder goed tegen drukte en onverwachte veranderingen. Het is niet dat je minder geduldig bent geworden als persoon; je systeem staat simpelweg meer “aan”.
Slechte slaap maakt je emotionele draagkracht kleiner
Veel vrouwen slapen minder diep in de perimenopauze. Nachtelijk wakker worden, opvliegers of een onrustig gevoel zorgen ervoor dat je brein minder herstelt.
Slaaptekort verlaagt je frustratietolerantie. Kleine dingen voelen groter en herstel na stress duurt langer. Dat kan ervoor zorgen dat je lontje korter is, terwijl je lichaam eigenlijk overbelast is.
Werkstress en overprikkeling versterken het effect
Op de werkvloer kan dit extra zichtbaar worden. Deadlines, vergaderingen en sociale interacties vragen meer energie dan vroeger. Daardoor kun je sneller geïrriteerd raken of het gevoel krijgen dat alles te veel is.
Veel vrouwen worden vervolgens streng voor zichzelf. Ze denken dat ze minder professioneel zijn geworden. Terwijl het vaak gaat om een tijdelijk veranderde stressgevoeligheid.
Wat kan helpen?
Het belangrijkste is erkennen dat er een lichamelijke component meespeelt. Daarna kun je kijken wat helpt om je systeem te ondersteunen:
- voldoende herstelmomenten gedurende de dag
- regelmaat in slaap en ritme
- beweging om spanning af te voeren
- realistische verwachtingen stellen
- bespreek klachten als ze je functioneren beïnvloeden
Het doel is niet om jezelf te veranderen, maar om je omgeving en ritme aan te passen aan wat je lichaam nodig heeft.
Je bent niet minder geworden
Een korter lontje betekent niet dat je minder veerkrachtig bent. Het betekent vaak dat je brein anders reageert door hormonale veranderingen. Met de juiste ondersteuning kan er weer meer rust ontstaan.

